|
1991, 1992 / spel, zang, dans
Boven
Water
Jeugdtheaterschool Hofplein
Het is 2099. Het gat in de
ozonlaag heeft er voor gezorgd, dat Nederland onderwater staat. Alleen Rotterdam
en Utrecht houden stand, tussen 80 meter hoge dijken.
In Rotterdam is alleen nog een groep kinderen overgebleven, onder leiding van de
volwassen man Erik (Wil van der Meer). Wanneer ze samen kerstfeest vieren, horen
ze over de radio, dat de dijken in Utrecht het begeven.
Een Utrechts meisje, dat in Rotterdam aanspoelt, verstoort de groep.
Tijdens het stuk zijn de
Rotterdamse kinderen al verkleed voor hun aankomende kerstspel. Ook noemen ze
elkaar bij de rolnaam. Dus Maria, koning, ezel enz.
Michiel speelde een van de drie koningen, samen met Anna Visser (nu directeur
van de Nieuwe Omroep) en Jako van der Moolen (nu schrijver en regisseur). Als
triest Aziatisch koninkje, had hij een geel gezicht, plooirokje en een dood
vogeltje in een kooitje.
|
script
|
Louis Lemaire
|
|
regie
|
Bruun Kuijt
|
|
muziek
|
Ton Scherpenzeel
|
|
decor en kostuums
|
Marjan Hoefnagels
|
|
choreografie
|
Carla van Driel
|
|
zang
|
Noud Hell
|
|
spel
|
Wil van der Meer,
Feike Looyen, Tjalling Heijkoop, Anna Visser, Michiel van de Burgt, Jaco van der
Moolen, Jeroen de jongh, Florentien van Berkenstijn, Joris ter Linden, Arjen
Brandon, Diane Graute, Jennifer de Jongh, Jennifer Loen, Roeland Riedijk, Els
van Rosse, Eva van der Schans, Jeroen Tien, Stefan Trip, Guido Verhoef, Francien
Verhulst, Jasper van Hecke, Marjolijn Leeuwenburgh, Karlijn van der Stel,
Dimitri Duchenne en Katinka Sedney
|
|
aantal voorstellingen
|
22
|
|
locaties
|
Hofpleintheater
(Rotterdam)
|
|